Onvergund bouwen : Wie betaalt het gelag? Een gouden raad van Jo DEWEZ.

Een gewaarschuwd en geïnformeerd bouwheer is er twee waard. Een bouwheer loopt namelijk verscheidene (financiële) risico’s indien er sprake is van onwettige situaties.

Het is niet raadzaam (aannemings)overeenkomsten in strijd met de wetgeving af te sluiten. De sanctie voor dergelijke gevallen is immers de terugplaatsing van beide contractspartijen in hun oorspronkelijke toestand. De rechtspraak hanteert namelijk een maatstaf waarbij ze oordeelt dat de ene contractspartij, bijvoorbeeld een aannemer, niet het slachtoffer mag worden van een illegale handelswijze van een andere contractpartij, bijvoorbeeld de bouwheer.

Een bouwheer die willens en wetens tegen de wettelijke bepalingen in aannemingsovereenkomsten sluit, denk bijvoorbeeld aan een inbreuk op de stedenbouwkundige voorschriften, zal in een gerechtelijke procedure de negatieve gevolgen van zijn handelen niet op de andere contractpartij kunnen afwentelen.

Laat u daarom bij het sluiten van (belangrijke) overeenkomsten altijd bijstaan door een professioneel adviseur. De gevolgen van foutieve overeenkomsten overstijgen aanzienlijk de prijs van een preventief advies. Bent u verwikkeld in een bouwsituatie waarvan u de legitimiteit betwijfelt? Ook in zulke gevallen is het nooit te laat u te laten bijstaan voor advies of om naar constructieve oplossingen te zoeken.

De feiten

In een arrest van 14 juni 2016 boog het Hof van Beroep te Brussel zich over een aannemingsovereenkomst tussen een bouwheer en een aannemer tot de aanleg van een tuin aan een nieuwbouwwoning. De bouwheer liet de bestelde aannemingswerken wetens en willens zonder bouwvergunning uitvoeren. De aannemer voerde de bestelde werken uit totdat een stedenbouwkundig inspecteur de aannemingswerken – na klacht van de buren – stil legde. De aannemer had tot op dit ogenblik al verscheidene werken uitgevoerd, zoals het plaatsen van metalen constructies.

De reeds uitgevoerde werken waren echter niet met de stedenbouwkundige voorschriften in overeenstemming waardoor de bouwheer de grond terug in zijn oorspronkelijke staat diende te herstellen. De bouwheer betaalde een derde aannemer, die ook de geplaatste metalen constructies weghaalde, om deze herstelwerken uit te voeren.

De oorspronkelijke aannemer wenste echter de betaling van de door hem geleverde werken en geplaatste constructies maar de bouwheer weigerde iedere betaling. De aannemer startte een procedure voor de Eerste Rechter.

De Eerste Rechter verklaarde de aannemingsovereenkomst tussen de aannemer en bouwheer nietig omdat de uit te voeren werken in strijd met de stedenbouwkundige voorschriften waren. Doordat de aannemingsovereenkomst nietig was verklaard, had de aannemer in principe geen rechtsgrond tot het vorderen van betaling voor de door hem uitgevoerde aannemingswerken. Immers dienen de partijen na de nietigverklaring van de overeenkomst elkaar terug te geven wat zij door de nietige overeenkomst van elkaar hebben verkregen (=restitutieplicht). Wanneer de teruggave van goederen en gelden niet mogelijk is, kunnen schadevergoedingen in de plaats gesteld worden.

Jo DEWEZ advocaat DEHAESE & DEHAESE Advocatenkantoor

Voor meer informatie contacteer ons.

bouwrecht en onroerend goed

ruimtelijke ordening en stedenbouw

contact

Onvergund bouwen : Wie betaalt het gelag? Een gouden raad van Jo DEWEZ.
Onvergund bouwen : Wie betaalt het gelag? Een gouden raad van Jo DEWEZ.